Innovatie | nog tot eind decemberwoensdag 19 augustus 2026, 15:24 · 25 bronnen
← Overzicht
Innovatieve circulaire productielijn met hergebruikte materialen
Innovatie | nog tot eind december

DEI+ opent ruimte voor circulaire en biobased opschaling

Ondernemingen die circulaire productie, recycling of biobased toepassingen naar een volgende schaal willen brengen, krijgen dit jaar ruimte in de vernieuwde DEI+. Daarnaast opent voor individuele mkb-bedrijven een apart tijdvak binnen SLIM, gericht op leren en ontwikkelen op de werkvloer.

Voor bedrijven met een pilot, demonstratie-installatie of eerste commerciële toepassing in voorbereiding is de agenda dit jaar opvallend breed. De vernieuwde DEI+-openstelling voor circulaire economie en grootschalige biobased projecten richt zich nadrukkelijk op de stap van innovatie naar markttoepassing. Tegelijkertijd kunnen individuele mkb-ondernemingen een beroep doen op SLIM wanneer zij de kennis en ontwikkelkracht van hun personeel willen versterken. De regelingen hebben een ander doel, maar kunnen in de praktijk naast elkaar relevant zijn voor bedrijven die hun productie én organisatie verduurzamen.

Innovatieve circulaire productielijn met hergebruikte materialen

DEI+ verschuift aandacht naar opschaling

De nieuwe DEI+-categorie is bedoeld voor ondernemers die met een concreet project bijdragen aan een circulair gebruik van grondstoffen of aan grootschalige biobased productie. Het gaat daarmee niet alleen om onderzoek of een kleinschalige proef, maar juist om projecten die moeten bewijzen dat een techniek, proces of productieketen op grotere schaal kan werken. Vooral ondernemingen die een demonstratieproject voorbereiden of een eerste commerciële fabriek voor biobased producten willen realiseren, behoren tot de doelgroep die door de verruiming beter in beeld komt.

60000000Beschikbaar budget voor het DEI+-onderdeel circulaire economie en grootschalige biobased projecten.
Bron: rvo.nl · feit f3

De inhoudelijke verruiming zit op twee punten. Circulaire projecten mogen voortaan ook rekenen met een vermindering van uitstoot buiten Nederland. Dat is relevant voor ondernemingen waarvan de materiaalstroom, verwerking of toepassing internationaal is georganiseerd. Daarnaast is de toegang voor biobased toepassingen breder geworden. Waar ondersteuning eerder vooral was gekoppeld aan een beperkte productgroep, kunnen nu ook andere biobased projecten onder de reguliere DEI+-voorwaarden passen. Daarmee ontstaat ruimte voor meer soorten alternatieven voor fossiele of schaarse grondstoffen.

Internationale keteneffecten tellen mee

De mogelijkheid om uitstootreductie buiten Nederland mee te laten wegen, verandert de onderbouwing van circulaire plannen. Een ondernemer kan daardoor beter aansluiten bij de werkelijke ketenimpact van een project, bijvoorbeeld wanneer teruggewonnen materialen elders worden toegepast of wanneer een verwerkingstechniek de afhankelijkheid van primaire grondstoffen in internationale waardeketens vermindert. De regeling sluit daarmee aan bij het streven naar meer leveringszekerheid van kritieke materialen en een geringere kwetsbaarheid voor aanvoer van buiten Europa.

17 december 2026, 17.00 uurDe DEI+-openstelling loopt vanaf medio juni tot dit sluitingsmoment. Dien aanvragen bij RVO in voordat de regeling sluit.
Bron: rvo.nl · feit f4

Voor de voorbereiding betekent dit dat een aanvraag meer moet zijn dan een goed technologieverhaal. Ondernemers doen er verstandig aan helder te maken welke grondstoffen worden vervangen, teruggewonnen of opnieuw ingezet, welke schaalstap het project realiseert en waarom juist die stap zonder publieke steun lastig te financieren is. Bij biobased plannen ligt de nadruk bovendien op de route naar een volwaardige productieomgeving. De subsidie is dus vooral interessant wanneer techniek, locatie, ketenpartners en afzetperspectief al voldoende concreet zijn om een demonstratie of opschaling geloofwaardig te maken.

SLIM biedt een aanvullend spoor voor individuele mkb-bedrijven

Naast investeringen in processen en productielijnen vraagt de overgang naar circulair en biobased werken vaak om nieuwe vaardigheden. Denk aan medewerkers die met andere grondstoffen leren werken, een veranderde kwaliteitscontrole moeten uitvoeren of nieuwe productie- en onderhoudsprocessen moeten beheersen. Voor individuele mkb-ondernemingen is SLIM bedoeld om leren en ontwikkelen binnen de organisatie structureler te maken. De regeling ondersteunt daarmee niet rechtstreeks de technische installatie, maar kan wel helpen om de menselijke kant van een transitie beter te organiseren.

6000000Beschikbaar budget voor het tweede SLIM-aanvraagtijdvak voor individuele mkb-ondernemingen.
Bron: betac-accountants.nl · feit f1

Het tweede SLIM-tijdvak is bestemd voor individuele mkb-bedrijven. Samenwerkingsverbanden kennen een eigen aanvraagmoment, dat eerder in het jaar lag. Voor een onderneming die nu zelfstandig aanvraagt, is het daarom belangrijk om de eigen mkb-status en de voorgenomen leeractiviteiten scherp te hebben. De regeling is gericht op ontwikkeling op de werkvloer en op een betere voorbereiding van werknemers op veranderingen in hun werk en op de arbeidsmarkt. Dat maakt SLIM vooral bruikbaar als aanvulling op een breder veranderprogramma binnen het bedrijf.

7 september 2026, 17.00 uurHet tweede SLIM-tijdvak opent in de tweede helft van augustus en eindigt op dit moment. Bij overtekening vindt toewijzing plaats via loting, waardoor vroeg indienen binnen het tijdvak geen voorrang geeft.
Bron: betac-accountants.nl · feit f2

Dat lotingsmechanisme vraagt om een andere planning dan bij regelingen waar snelheid de kans op toekenning vergroot. Een volledige en zorgvuldig gecontroleerde aanvraag is belangrijker dan op de openingsdag indienen. Tegelijkertijd is wachten tot het laatste moment risicovol, omdat digitale indiening en interne besluitvorming tijd kosten. Bedrijven die SLIM willen verbinden aan een circulair of biobased investeringsplan, kunnen de subsidie benutten voor een leeragenda: welke functies veranderen, welke kennis ontbreekt en hoe wordt ontwikkeling onderdeel van het dagelijkse werk?

Twee regelingen, twee verschillende vragen

DEI+ en SLIM zijn niet uitwisselbaar. De eerste regeling richt zich op demonstratie en opschaling van energie- en klimaatinnovatie, met in deze openstelling nadrukkelijke ruimte voor circulaire economie en biobased productie. SLIM richt zich op de organisatie en haar medewerkers. Een onderneming hoeft dus niet te kiezen tussen techniek of talentontwikkeling, maar moet wel per regeling een afzonderlijke, passende aanvraag opbouwen. De kernvraag bij DEI+ is of het project een overtuigende schaalstap naar de markt maakt; bij SLIM draait het om de manier waarop medewerkers zich voor veranderend werk ontwikkelen.

Voor ondernemingen met ambitieuze opschalingsplannen ligt er daarom een logische volgorde. Breng eerst het demonstratieproject en de materiaal- of productieketen in kaart: welk circulair of biobased resultaat moet de investering opleveren, waar zit de technische onzekerheid en welke partners zijn nodig? Vertaal vervolgens de gevolgen voor de organisatie naar een leer- en ontwikkelopgave. Zo ontstaat een samenhangend verhaal waarin een nieuwe productielijn niet losstaat van de mensen die ermee moeten werken. Juist die combinatie vergroot de uitvoerbaarheid van een duurzame schaalstap.

Samenvatting

De vernieuwde DEI+-openstelling geeft ondernemers met circulaire demonstratieprojecten en grootschalige biobased plannen meer aanknopingspunten dan voorheen. Internationale klimaateffecten kunnen meetellen en de toegang voor biobased toepassingen is verbreed. Daardoor is de regeling vooral relevant voor bedrijven die hun innovatie niet alleen willen ontwikkelen, maar aantoonbaar richting een grotere markttoepassing willen brengen.

SLIM vormt een aanvullend instrument voor individuele mkb-ondernemingen die hun personeel willen voorbereiden op nieuwe werkzaamheden en veranderende productieprocessen. Wie beide regelingen overweegt, doet er goed aan de technische opschaling, de ketenimpact en de personele ontwikkeling als samenhangende maar afzonderlijk onderbouwde opgaven te behandelen.